Tijdens de kerstdagen heb ik altijd nood aan een portie magie. De magie zoals ze in de kinder-, familie- of ook grote mensenfilms zo mooi wordt verpakt. Dan voel ik mij weer even kind. Ik krijg dan weer voor even de illusie zeeën van tijd te hebben tijdens de vakantie. Ik verlekker me dan op de sneeuw en de kou buiten en het lekker warme, gezellige gevoel binnenshuis. En dan is er niets leuker dan zo’n film op te zetten en helemaal in de sfeer ervan op te gaan.
Films die het voor mij doen zijn de Harry Potters, Disneys en Pixars van deze wereld. Maar nog het liefst de films die ook wat kerstmagie hebben. Deze vakantie heb ik vooral genoten van Mr. Magorium’s Wonder Emporium, Nanny McPhee en Toy Story. Maar ook van de trilogie van The Matrix, die ik op 2 dagen uitgekeken heb (een kind dat een middagdut doet en mijn liefste die nog even moest werken had toch één voordeel).
De trilogie van Lord of the Rings, die ik als nieuwjaarscadeau gekregen heb (dank u H. !), ligt nog te lonken …
Category Archives: film
It’s a wonderful life
In het kader van de tentoonstelling Commitment van bkSM stond gisteren de Hollywood klassieker “It’s a wonderful life” van Frank Capra geprogrammeerd.
De film werd gekozen door Ricardo Brey, één van de exposerende kunstenaars. De man kwam zijn keuze ook vooraf toelichten. Hij haalde het gelijknamige boek van Stephen Jay Gould (één van de denkers bij “Een schitterend ongeluk” van Wim Kayzer) aan en trok de essentie van het boek door naar zijn werk. Volgens hem gaat het erom dat alles uit mogelijkheden bestaat en dat de realiteit slechts één van die mogelijkheden is die toevallig is gematerialiseerd. De kunstenaar had de film zelf ook nog nooit gezien, maar verwachtte hetzelfde terug te vinden in het filmverhaal.
De opkomst was voor een (gratis) film van dit kaliber bijzonder mager : amper een dozijn geïntereseerden. Veel ruchtbaarheid was er waarschijnlijk ook niet aan gegeven, de enige plek waar ik het had opgepikt was op de vernissage van de tentoonstelling zelf.
De film is een echte Kerstmis klassieker omwille van het aandoenlijke verhaal en de boodschap die erin steekt. De korte versie om de clou niet te verklappen : George Bailey, een mens met een hart van koekebrood, doet alles om zijn medemens een beter leven te geven en spaart daarbij de boterhammen uit zijn mond. Op een besneeuwde kerstavond geraakt hij zelf in zware problemen. God besluit daarop een engel uit te sturen om George te helpen.
Of de verwachtingen van de kunstenaar zijn ingelost weet ik zo niet, maar de prent toont in elk geval tot wat de goedheid en de vriendschap van een mens kan leiden. Eén ding is zeker : je wordt bijzonder week en vrolijk van het verhaal van George Bailey. Heerlijk ook om nog eens een old skool z/w film te zien waar de filmrolmankementjes van het scherm spatten. Ik werd zó teruggeflitst naar mijn tienerjaren waar we elke zaterdagnamiddag trouw op post zaten voor de z/w film op BRT1. Mijn voorliefde voor het film noir genre kent ongetwijfeld daar zijn oorsprong.
Toen ik de zaal verliet groette ik het zaalpersoneel. Eén meisje dat me een goeie avond terugwenste gooide er, samen met een lachje en theatraal handgezwaai, nog achterna : “En maak vele vrienden !” Ik glimlachte terug.
The Science of Sleep
Dat hier 2 weken na het zien van The Science of Sleep nog altijd geen review van de film terug te vinden is, is een veeg teken aan de wand. Laat ik het maar meteen zeggen : geweldig vond ik de film niet, maar dat kan wel te maken hebben met mijn verwachtingen.
De in Mexico opgegroeide Stéphane (Gabriel GarcÃÂa Bernal, bekend van Almodóvars La mala educación) komt na lange tijd terug naar Parijs en neemt zijn intrek in het ouderlijk appartement. Zijn vader is net overleden en zijn moeder woont bij haar vriend. Ze heeft voor hem een job geregeld als illustrator, zodat hij zijn creatieve gaven kan botvieren. Bij aankomst op de werkplek blijkt dat hij, in gezelschap van een heel apart trio, administratieve klussen moet klaren. Regelmatig zie je Stéphane dan ook wegdromen in zijn eigen wereldje, waar hij TV-opnames maakt over zijn eigen fantasieën.
Al snel wordt hij verliefd op zijn buurmeisje Stéphanie (Charlotte Gainsbourg), die al even “gestoord” is als hem. Ze bewondert zijn fantasie, maar is niet geïnteresseerd op amoureus gebied. Vanaf daar begint het voor Stéphane grondig fout te lopen en worden zijn fantasieën steeds grilliger.
De versmelting van realiteit en fictie is bijwijlen heel knap. Met schijnbaar eenvoudige technieken in de vorm van bordkartonnen decors wordt het universum van Stéphane tot leven gebracht. Scènes uit zijn ‘echte’ leven zie je geënsceneerd in de TV-studio uit zijn fantasie. Op den duur word je meegezogen in de ‘realiteit’ van Stéphane en kan je zelf het onderscheid tussen droom en daad niet meer maken.
Wat start als een vrij ‘normale’ film ontaardt echter al gauw in een prent over een jongeman met een psychologisch probleem. De ballon van de fantasiewereld wordt namelijk gruwelijk doorprikt door de sputterende psyche van het hoofdpersonage dat teveel de overhand krijgt. Ik had een feeërieke, fantasierijke film verwacht, maar kwam buiten met het beeld van een neuroot die zichzelf verliest in een al te bizarre nachtmerrie.
Sjakie en de chocoladefabriek

Het is voor mij telkens reikhalzend uitkijken naar een nieuwe film van Tim Burton. The Nightmare before Christmas was de eerste die ik van ‘m zag en ik was meteen verkocht. Hij kan als geen ander een feërieke, maar toch bizarre sfeer scheppen en op een aparte en toch simpele manier een verhaal vertellen dat beklijft. Deze keer was het zelfs dubbel uitkijken : een verfilming van een van dé kinderklassiekers in de
literatuur én dan nog door Tim Burton. Gauw nog even het boek uit mijn kindertijd geplukt en herlezen vooraleer ik ‘m ging zien. De eerste verfilming uit 1971 (met Gene Wilder als Willie Wonka) had ik niet gezien, dus kon ik me met een maagdelijke geest in de cinemazetel nestelen …
De muziek van Danny Elfman (meest bekend van de soundtracks bij The Simpsons en van triljoenen andere films) bracht me al onmiddellijk in de juiste stemming voor een Burton film. En van zodra je wordt geïntroduceerd in de Wondere Wereld van Willie Wonka wil je meer zien. En je krÃÂjgt meer ! Fantastische fabriekshallen vol fabuleus snoepgoed, iets waar je als kind alleen maar kon van dromen. En honderden Oempa Loempa’s, die de show stelen met hun grappige tussenkomsten en revue van liedjes in allerlei stijlen. Allemaal mooi digitaal opgepoetst, dat wel, maar geen haan die daar naar moet kraaien, het past helemaal in het plaatje.
Het boek wordt zeer waarheidsgetrouw gevolgd, wat me plezier deed. Het verhaal van Roald Dahl is zo sterk én tegelijk eenvoudig dat er geen forse scenariotoeren vandoen waren om het op het witte doek over te brengen. De kleine toevoegingen aan het boek geven het verhaal wat meer zuurstof en humor. Ik denk bijvoorbeeld aan de manier waarop de verschillende kinderen die Wonka’s fabriek mogen bezoeken worden voorgesteld. Geen enkel cliché wordt geschuwd, meer zelfs ; het wordt zover doorgetrokken dat het grappig wordt. Augustus Gloop (Caspar Slok in de Nederlandse vertaling van het boek) als bolrond zoontje van een Duitse slager met het dito “Allo Allo” accent dat steevast met een mondvol chocolade praat bijvoorbeeld.
In deze film is jammer genoeg weinig te merken van het bizarre kantje dat Burton meestal in zijn toch steeds sprookjesachtige films steekt (denk maar aan Sleepy Hollow of Big Fish), maar dat is te wijten aan het feit dat strikt naar de letter van het boek werd gefilmd. De vertolking van Johnny Depp vormt hier gelukkig een wereldvreemd, prettig tegengewicht omdat hij een grillige, geloofwaardige vertolking
van Willie Wonka neerzet. Ook de flashbacks naar Willie’s kindertijd zijn een zeer goeie ingreep (want die passages komen niet in het boek voor) om de geloofwaardigheid van het personage te versterken.
Wie zo gek is als mij om steeds de aftiteling van een film uit te kijken (0.001 % van het filmpubliek dus), heeft misschien ook gezien dat Eyetronics, een Belgisch bedrijf gespecialiseerd facial imaging, heeft meegewerkt aan de film. Faut le faire ! Ze hebben blijkbaar ook al geloofsbrieven verworven door mee te werken aan Buffy en Angel.
Deze film gaf mij van begin tot eind het warm, kinds gevoel terug dat ik had bij het kijken naar sprookjesfilms en dat is voor mij het dankbare aan de film. Kortom : een must see voor dagen waarop het oude wijven regent, je ziek thuis zit of je gewoon zin hebt om dekentjesclub te spelen ! Een attribuut dat dan niet mag ontbreken is een hete tas chocolademelk :-)
P.S. : Nu vraag ik me af of die WW chocola ook echt bestaat ! Of zou Willie Wonka in België gewoon Meneer Meurisse heten ?
Ray
Een film over het leven van een legende, het is altijd wat bang afwachten wat het wordt. Evenveel verfilmingen zijn er de mist ingegaan als er geslaagd zijn. Laat me u alvast geruststellen : Ray is geslaagd, met voldoening. De sterkte van de film zit ‘m vooral in de omkadering van de muziek. De regisseur heeft gepoogd uit te leggen hoe de stijl en de muziek van Ray Charles tot stand is gekomen en in welke omstandigheden. En het werkt. Waar je vroeger een liedje van de man op de radio hoorde en het achteloos meeneuriede, ken je nu het verhaal achter het nummer en dat maakt het veel sterker en intenser.
De levenswandel van de recent nog levende legende vertaalt zich in de film in sex, drugs&country&blues, al wordt dat eerste slecht subtiel aangehaald (waarschijnlijk om de juiste rating in de VS te halen). ‘s Mans leven wordt uit de doeken gedaan van net vóór zijn blindheid op 7 jaar tot na het afkicken van de heroïne. Een correcte weergave lijkt me, al wordt er niet heel diep ingegaan op relaties met zijn entourage of op zijn diepste angsten voor het donker. De vraag is of dat kon, want de film is nu al lang genoeg (2u30), wat overigens geen moment verveelde, de muziek houdt de drive erin en maakt een mens blij.
Moet nog gezegd dat de vertolking van Jamie Foxx zeker z’n Oscar waard is. En het geld voor uw bioscoopticketje het plezier om in het gezelschap van de even terug tot leven gewekte virtuoos te zijn.
Leuke anekdote : het script van de film werd op vraag van Ray Charles zelf omgezet in braille.