Nog een dikke week voor de 20 km door Brussel. Voor mijn trainingsschema betekent dat vanaf maandag rust, of toch zeker al te zware trainingen meer.
Voorbije maandag heb ik nog anderhalf uur bijeen gelopen. En dat ging goed. Tijdens het lopen geen zware dip gehad. Ik was wijselijk ook maar om 20u ‘s avonds vertrokken om de brandende zon te vermijden. En dan nog was het puffen. Na het lopen eens een ijsbad geprobeerd (gelezen bij Ann’s blogspot). Onmiddellijk erna voelde ik wel effect (lees : ik kon vlotter uit de zetel na wat stilzitten), maar de dag erop was er toch evenveel stijfheid in de bovenbeenspieren te merken als anders. Misschien heb ik niet lang genoeg in het bad gezeten. Een minimum van 10 minuten heb ik niet volgemaakt. Na de 20K nog eens proberen.
Gisteren dan lag een rustig, kort loopje in het verschiet, maar mijn lichaam protesteerde. Een kwartier later had ik ook een geldig excuus : het regende oude wijven.
De laatste, grotere training wordt dus iets voor morgen. Ik twijfel nog tussen een duurloop van 1u of een 10 miles. Het zal van Franks voorspelling afhangen, denk ik.
Met de conditie zit het dus snor. Al wat me nu nog rest in de laatste rechte lijn naar Brussel is één langere duurloop morgen, daarna rusten en glycogenen (pasta) beginnen stapelen. En de honger om terug te lopen stilaan laten aanwakkeren.